“Het antidotum tegen AI-vergif”
Ben je liefhebber van nieuwe muziek en heb je nog nooit van Angine de Poitrine gehoord? Onder welke steen heb je dan geleefd? De afgelopen weken kon je er namelijk niet omheen. Eén viral video van een gestipt duo met maffe maskers en dito pakken bij KEXP radio en vervolgens was de uitgestippelde hype geboren. Appgroepen, social timelines en zelfs mensen die je normaal niet hoort over nieuwe muziek, hielden er maar niet over op. Dus toen hun tour afgelopen week in de vvk ging, was het niet heel gek dat de meeste shows, waaronder die in Doornroosje, binnen enkele minuten uitverkocht waren. Na Geese is dit de grootste fomo-act van het jaar. Maar hoe is dat toch mogelijk?!
Ze zingen amper, maar grooven als de brandweer en kiezen voor gedurfde noot- en maatsoorten die de eerste luisterbeurt niet heel makkelijk maken. “Een schuurborstel voor ieders smaakpalet”, schreef HUMO in de recensie van het nieuwe album “Vol. II” dat op 3 april verscheen. Achter de maskers schuilen Khn en Klek. Spraakmakend, niet in een hokje te plaatsen, maar ook steengoed. En precies dat maakt het relevant voor iedereen die met muziek, entertainmentmarketing of creatie bezig is.
Want terwijl dit gestipte Canadese duo viraal ging, is er ook iets anders aan de hand. Op Spotify groeit het aantal AI-gegenereerde tracks explosief. Muziek die lekker in het gehoor ligt en “goed genoeg” is voor de massa. Muziek die klinkt als iets wat je al kent. Muzikaal behang dat perfect past in koffieplaylists, algoritmes en achtergrondgebruik. Functioneel, eindeloos reproduceerbaar en vooral totaal nietszeggend. Zoals we in de Achterhoek zeggen: laffe driet.
Laat één ding duidelijk zijn: ik ben geen AI-criticus. Integendeel. Ik gebruik het zelf dagelijks. Voor how-to’s, aanscherpingen van teksten, flauwe plaatjes en vooral voor die doodsaaie klussen waar je als mens geen seconde energie aan wilt verspillen. Heel eerlijk kan ik niet meer zonder. Maar daar zit ook precies het risico. De stap van “dit helpt me efficiënter te werken” naar “dit is goed genoeg om zo te laten staan” is heel klein. Te klein. En voor je het weet gebruiken we AI niet alleen om werk sneller te doen, maar ook om precies die onderdelen over te nemen waar wij als mensen het verschil maken: creativiteit, smaak en het lef om buiten de lijntjes te kleuren.
In mijn presentaties zeg ik het steeds vaker: opvallen in tijden van AI is makkelijker dan ooit! Dat klinkt misschien tegenstrijdig als je ziet wat AI kan maken. Maar juist omdat zoveel output steeds meer op elkaar gaat lijken, kijken we straks nergens meer van op en trekken we alles in twijfel. Alles wat nu nog overweldigend lijkt, is binnen mum van tijd onderweldigend en meer van hetzelfde. Nog een prompt, nog een iteratie en je hebt iets dat ‘prima’ is. Maar waar ‘prima’ ooit stond voor het allerbeste, is het nu de nieuwe middelmaat.
Er is een mooie parallel met de komst van de camera. Op het moment dat fotografie de werkelijkheid beter en sneller kon vastleggen, verloor de schilder die perfect kon naschilderen zijn waarde. Dus gebeurde wat er altijd gebeurt: de mens vond zichzelf opnieuw uit. Surrealisme en abstractie ontstonden, stromingen die niet probeerden te kopiëren, maar juist iets toevoegden. Iets eigens. Iets dat schuurt.
Precies dat zie je hier. Angine de Poitrine maakt geen muziek voor algoritmes, playlists of de middenweg. Het is technisch, eigenwijs en soms ronduit vreemd. Maar daardoor juist onweerstaanbaar lekker. Online worden Khn en Klek naar voren geschoven als de redders van de rock. ‘Het antidotum tegen AI-vergif’, zweert een keyboardwarrior onder een van de viral video’s.
In een wereld waarin iedereen muziek kan genereren die oké klinkt, wint niet degene die het goed doet, maar degene die iets maakt dat je niet omheen kunt. Iets dat je doorstuurt. Iets dat blijft hangen.”Prima” als je tevreden bent met een AI-liedje op Spotify, maar doe mij dit glaasje muzikale Rivella maar! Volume op standje burenruzie.